
Schouderbinnenwaarts is een oefening die in de rijkunst bekend staat om haar effectiviteit. Veel rijmeesters noemen schouderbinnenwaarts 'het medicijn van de rijkunst'. Het wordt gebruikt bij het recht richten, het gymnastiseren, het verzamelen, en nog veel meer. Waar komt de oefening eigenlijk vandaan en vanaf wanneer werd schouderbinnenwaarts bewust gebruikt? De algemeen bekende Franse rijmeester François Robichon de la Guèrinière, die in 1731 zijn boek Ecole de Cavalerie publiceerde, zou de uitvinder zijn. Maar, dat blijkt een grote geschiedkundige fout te zijn. Eeuwen daarvoor werd de schouderbinnenwaarts al beschreven in boeken van Napolitaanse rijmeesters. In dit Blog gaan we kijken hoe de schouderbinnenwaarts zich ontwikkeld heeft tot de oefening zoals we haar nu kennen en wat er allemaal over geschreven is wat betreft de voordelen van deze oefening.
De Napolitaanse school
Federico Grisone en Schouderbinnenwaarts
Ten tijde van de Renaissance, ca. 1430 - 1630, die vanuit (het huidige) Italië opkwam, bloeide ook de rijkunst op in Europa vanuit Napolis (Napels). De rijkunst in Napels floreerde met name tijdens de Spaanse bezetting, waardoor de financiën ervoor waren. Het eerste boek vanuit Napels kwam in 1550 van de hand van Maestro Federico Grisone, 'Gli Ordini del Cavalcare'. Wanneer we dit boek lezen, dan lezen we al vrij gedetailleerde beschrijvingen van het rijden met de schouders naar binnen gericht. Grisone geeft nog geen naam aan de oefening, maar beschrijft hoe de hals naar binnen buigt, de schouders op een kleinere volte gericht worden en het paard met de benen moet kruizen. Het voordeel van deze oefening is dat het paard beter in de hand gesteld raakt, zijn hals beter positioneert en het paard zo sneller en makkelijker korte draaien kan leren maken, met name voor het gevecht te paard. Ook lees je terug dat de paarden rechter werden en dus minder verschil hadden tussen linksom of rechtsom rijden. Ten tijde van Federico Grisone werd er vooral over 'repolones en voltes' gereden. De schouderbinnenwaarts wordt beschreven op de volte en voor de inzet van een scherpe draai of volte. Daaruit kan je opmaken dat de schouderbinnenwaarts dus ook al op de recht lijn (repolone) werd ingezet. Bijna twee eeuwen voordat F.R. de la Guérinière hier over schrijft.
Claudio Corte
In eerdere blogs is de naam van Maestro Claudio Corte al naar voren gekomen. Hij was een soort voorloper op de paardenfluisteraar. Zijn empathie voor, en zijn connectie met paarden maakten hem een gewaardeerd rijmeester. Maestro Corte was al zeer inventief op het gebied van figuren ter bevordering van balans, souplesse, symmetrie en wendbaarheid (zie vorige blog). Ook is hij de eerste die specifiek schrijft over het werk aan de hand op twee teugels, om het paard eerst oefeningen vanaf de grond te leren. Uiteraard lezen we ook in zijn boek 'Il Cavallerizzo', uit 1561, over het gebruik en het nut van schouderbinnenwaarts. De oefening heeft hier nog steeds geen naam, maar wel wordt gedetailleerd beschreven hoe je het moet rijden en waarom.
Giovanni Paolo D'Aquino
Hoewel Federico Grisone in de volksmond de meeste bekende Napolitaanse rijmeester wordt genoemd, waren er veel meer Napolitaanse rijmeesters in de Renaissance, die veel invloed hebben gehad op de ontwikkeling van de rijkunst en al veel interessante materie hebben opgeschreven in hun boeken. Eén van deze rijmeesters was Maestro Giovanni D'Aquino. Deze rijmeester schreef in zijn boek 'Disciplina del cavallo con l' uso del Piliere', uit 1630, ook uitgebreid over schouderbinnenwaarts. Ook beschrijft hij als eerste de oefeningen appuyeren en travers, ruim een eeuw voordat F.R. de la Guérinière dit beschrijft. Maestro D'Aquino beschrijft ook hoe door het rijden met de schouders iets naar binnen gericht en de hals naar binnen gesteld, het paard losser wordt in de hand en soepeler en rechter wordt.
Overige Napolitaanse rijmeesters
Invloedrijke rijmeesters die voor F.R. de la Guérinière al een boek over de rijkunst hebben geschreven, waar schouderbinnenwaarts in meer of mindere mate beschreven wordt, waren:
- Cesare Fiaschi, Trattato dell'imbrigliare, maneggiare e ferrare cavalli, 1560
- Giovanni Battista Ferraro, 'Delle razze, disciplina del cavalcare...., 1560
- Pasqual Caracciolo, 'Del Gloria del Cavallo, 1566
Giovanni Battista Galiberto
Tot nu toe zien we dat de oefening schouderbinnenwaarts al wel gebruikt en beschreven werd, maar de oefening had nog geen specifieke naam. Is dat dan wat F.R. de la Guérinière als eerste deed? De oefening een naam geven? Nee, ook daarin was de Franse rijmeester geen voorloper. De Napolitaanse rijmeester G.B. Galiberto gaf een eeuw voor F.R. de la Guérinière al een naam aan de oefening. Deze Napolitaanse kolonel werd rijmeester aan het Weense hof en zorgde voor het eerst in Wenen voor een geschreven rijonderricht. Hiermee had hij een revolutionaire invloed op de rijkunst in Wenen en zijn boek 'Il Cavallo da Manneggio', uit 1650, wat in 1660 door keizer Leopold I werd vertaald in het Duits 'Neugebahnter Tummelplatz und eröffnete Reitschul' bleef tot eind 20e eeuw populair.
Wie was Giovanni Battista Galiberto?
De rijschool in Wenen rond die tijd, was nog niet de rijschool zoals we die nu kennen. De winterrijschool in de Hofburg werd pas in 1735 in gebruik genomen. In de tijd van Maestro Galiberto was Wenen behoorlijk Italiaans georiënteerd. Van 1635 tot 1709 werkten er onafgebroken Oberbereiters van Italiaanse (Napolitaanse) afkomst in de rijschool.
Maestro G.B. Galiberto was stalmeester en rijmeester van zowel keizer Ferdinand III als keizer Leopold I. Maar Maestro Galiberto was ook graaf en kolonel in de cavalerie met de nodige gevechtservaring. Zijn rijkunst was dan ook enorm gericht op samenwerking met het paard. Als ervaren cavalerist wist hij maar al te goed hoe belangrijk het was dat je paard voor je en met je wilde werken. Je leven hing daar van af op het slagveld. Dat vond hij dan ook een gemis bij de vele 'hofruiters', die toch vaak hun paard afdwongen in onnatuurlijke circusbewegingen. In parades kom je daar mee weg, maar op het slagveld niet.
Het boek van Galiberto in het Italiaans, 1650Vanwege een politiek geschil, kwam G.B. Battista in 1634 in het gevang terecht. Die tijd gebruikte hij om zijn kennis over het trainen van paarden op te schrijven. Toen na enkele jaren zijn manuscript af was, ontsnapte hij het de gevangenis en zette zijn carrière voort als rijmeester aan het Weense hof. De rijkunst werd in die tijd razend populair aan het Weense hof. Iedereen wilde goed paard leren rijden en er werden duizenden paarden naar Wenen gehaald. Er waren niet genoeg rijmeesters om iedereen te leren rijden. Het boek van Galiberto werd dan ook gretig ontvangen en Galiberto werd een absolute noviteit aan het Weense hof. Omdat maar een deel van het Weense hof Italiaans was en/of sprak, liet keizer Leopold I het boek in het Duits vertalen. Tot in de 20e eeuw bleef het boek populair bij iedereen die wilde leren rijden.
Het boek van Galiberto in de Duits 1660De kracht van Galiberto was dat hij geen showruiter was, maar een echte ruiter, een strijder met een militaire en praktische toepassing, waar horsemanship centraal stond.
G.B. Galiberto en schouderbinnenwaarts, 'Il Cantone'
Il Cantone of WinkelEn wat maakt de rijleer van Galiberto vooral bijzonder? Hij gaf de oefening schouderbinnenwaarts een naam! Hij noemde deze oefening 'Il Cantone', wat 'de hoek' betekent. Het rijden van je paard in een hoek ten opzichte van de muur. Maestro Galiberto beschrijft vrij gedetaillleerd wat de cantone is, hoe die gereden moet worden en wat voor nut de oefening heeft. In het Duits werd 'Il Cantone' vertaald naar 'Winkel', wat ook 'hoek' betekent. Het is dus ook niet waar dat de Franse rijmeester F.R. de la Guérinière schouderbinnenwaarts voor het eerst een naam gaf. Wat wel waar is, is dat de Franse rijmeester er de naam aan gaf die we nu nog steeds gebruiken. Hij gaf 'Il Cantone' de naam 'Épaules en dedans', wat letterlijk 'Schouders in' betekent, 'shoulder in', 'schouder binnenwaarts'.
Opmerkelijk is dat de invloed van G.B. Galiberto zeker twee eeuwen toonaangevend is geweest, maar bijna niemand de Napolitaanse rijmeester meer kent, noch zijn naam voor schouderbinnenwaarts 'Il Cantone'. Alleen in Duitsland hoor je nog wel de term 'Winkel'. Helemaal uitgewist is zijn invloed dus niet.
Schouderbinnenwaarts in de huidige tijd
Het is mooi te zien dat oefeningen en concepten die vroeger populair waren, nu nog steeds veel gebruikt worden. Blijkbaar voelde de rijmeesters van een bijna vijf eeuwen terug ook al de dingen die wij nu voelen, of vooral willen voelen.
Schouderbinnenwaarts kan binnen verschillende categorieën oefeningen vallen:
- Verzamelende oefening
- Gymnastiserende oefening/ Buigingsoefening
- Gehoorzaamheidsoefening
- Recht richtende oefening
Verzamelende oefening
Door de verhoogde aanspanning in de onderlijn aan de binnenkant van het paard, met name de buikspieren, verzamelt het paard zijn lijf al wat meer. Het frame van het paard wordt door de SB verkort. Ook zien we dat in de SB het paard zijn hals en hoofd beter gaat dragen en lichter wordt op de hand (mits goed gereden). Het paard gaat meer bergopwaarts/ opgericht lopen. We trainen in schouderbinnenwaarts dus qua kracht vooral de buikspieren en de borstspieren.
Het 'ondertredende, dragende' achterbeen daarbij is een beetje een fabel, want in een correcte schouderbinnenwaarts loopt het paard op drie sporen en lopen de achterbenen rechtdoor. Het paard wordt lateraal gebogen in het voorste deel van de borstkas en de hals, waardoor het zwaartepunt van het paard naar binnen wordt verlegd. Het zwaartepunt beweegt meer richting het binnen achterbeen, dan het binnen achterbeen naar het zwaartepunt. Hierdoor ontstaat er een versterkt push-off moment in het binnen achterbeen en een verhoogde ground reaction force in het buiten achterbeen (draagkracht). Mis je de push-off op het binnen achterbeen, dan zal je dat herkennen aan dat je paard de hoefslag af loopt, naar binnen. Hij compenseert de verplaatsing van het zwaartepunt naar binnen niet met het verhogen van de push off op het binnen achterbeen en verliest dus balans.
Gymnastiserende oefening
Je kan SB ook inzetten als buigingsoefening. Dan kan je beter het paard in een iets lagere houding rijden, zodat hij makkelijker lateraal kan buigen. Paarden die stijf zijn in de rug, kan je nog niet opgericht in schouderbinnenwaarts rijden, althans, niet zonder dat ze de rug wegdrukken en de hals opdrukken. Je wilt eerst lengte in de rugspieren creëren. Dat doe je ook al op een volte en door het rijden van laterale buiging rechtuit, maar in SB is dat effect nog groter.
Als het gymnastiseren je doel is, dan is het raadzaam om de SB niet alleen op de rechte lijn te oefenen, maar juist ook op de volte, zoals de oude meesters uit het begin van de 15e eeuw al beschreven. Uiteraard kan je op de volte de SB ook gebruiken om te verzamelen, wanneer je doel is om het frame te verkorten en de buikspieren meer aan te laten spannen.
Schouderbinnenwaarts op de volte
Een goed gereden SB wordt voorwaarts gereden. Sterker nog, je kan SB op drie sporen zelfs in middendraf rijden en je kan schakelen in SB. Wanneer je de SB goed rijdt dan zie je dat de buitenschouder opent. Je ziet het buiten voorbeen verder naar voren grijpen en iets zijwaarts openen. Dit geeft enorm veel rek en bewegingsvrijheid aan de borst- en schouderspieren en aan het schouderblad en het schoudergewricht. Rijd je de SB niet correct, maar hangend aan de binnenteugel, zittend op je buiten zitbeenknobbel, met je binnenbeen te ver naar achteren en dus uit balans en niet voorwaarts, dan zie je juist dat het paard op het buitenvoorbeen valt en dus niet kan openen.
Schouderbinnenwaarts op vier sporen vraagt zowel op de recht lijn, als op de volte meer mobiliteit van de onderrug en het bekken. Wil je je paard losser hebben in de onderrug en mobieler in het bekken, dan is SB op vier sporen, op de volte, een zeer nuttige oefening.
Let op! Schouderbinnenwaarts op vier sporen kan alleen in verzamelde gangen gereden worden omdat de achterbenen nu ook overkruizen.
Gehoorzaamheidsoefening
Ook kan SB puur als gehoorzaamheidsoefening gebruikt worden. Volgt het paard de binnenhand? Blijft hij nageeflijk aan de buitenteugel? Valt hij niet door het binnenbeen? Voor een goede SB moet het paard goed afgestemd zijn op de hulpen van de ruiter. We zien wijken vaak als de eerste gehoorzaamheidsoefening voor zijwaartse beenhulpen, maar als je wijken biomechanische en natuurkundig bekijkt, dan is wijken SB op een diagonale lijn. Daarom leren we in de Art of Horsemanship het paard ook niet eerst wijken, maar schouderbuitenwaarts. Van daaruit kan het paard SB leren en wijken is dan dus SB op een diagonale lijn.
Belangrijk is dat we het SB niet met duwen en wurgen in stand hoeven te houden. Wanneer het paard goed aan de hulpen is en in balans gaat, dan blijft het paard zonder hulpen in SB totdat de ruiter hem weer recht maakt.
Door vaak van hand te veranderen en op beide kanten SB te rijden, ga je ook voelen of je paard op beide handen en benen even goed reageert of niet en kan je die afstemming links en rechts gelijk maken.
Recht richtende oefening
Niet alleen wil je dat je paard linksom en rechtsom even goed reageert op je hulpen. Ook wil je dat hij links en rechts even makkelijk buigt en in balans blijft.
Veel mensen denken nog steeds dat recht richten zich beperkt tot het paard op een recht lijn helemaal uitlijnen. Maar recht richten gaat veel verder. Het paard moet rechts en links even makkelijk buigen. De aanleuning en nageeflijkheid moet symmetrisch zijn. Het paard moet hetzelfde voelen en reageren op je linker hand en je rechter hand. Hij moet op elke been even goed reageren en overal zelfdragend zijn. Dat is allemaal recht richten,
Van nature zal een paard, wanneer hij langs een wand loopt, altijd met de schouder naar buiten vallen, richting de wand. Het gevolg daarvan is dat het achterhand iets naar binnen komt, in een soort travers. Het paard doet dit omdat de schouders smaller zijn dan het bekken en hij aan de buitenkant parallel met de wand wil lopen. Zo is hij echter niet recht gericht. Daarbij komt dat een paard van nature in een wending zijn hoofd en hals naar buiten gooit. We zullen al deze neigingen dus moeten neutraliseren en SB is hier een uitgelezen tool voor.
Let echter wel op dat je niet alleen maar scheef of in SB rijdt, want dan is je paard nog steeds nooit recht. Uiteindelijk maak je recht door de schouder aan de buitenkant te begrenzen en het binnen achterbeen recht naar voren onder zijn lijf te rijden. SB kan daar in het begin bij helpen, maar uiteindelijk rijd je paard gewoon recht, op twee sporen, met een rechte wervelkolom, links en rechts even zwaar, in balans dus en met op beide handen hetzelfde contact, het hoofd loodrecht voor het borstbeen en de schouders recht voor de achterhand. En, dat kan uiteraard alleen maar als je zelf recht en in balans zit.
Samenvatting
Uiteraard is er nog veel meer te schrijven over schouderbinnenwaarts en wellicht zijn er termen of concepten voorbij gekomen die je niet helemaal duidelijk zijn. Volg je onze cursussen, opleidingen of lees je onze boeken, dan kan je hier veel kennis over opdoen.
Schouderbinnenwaarts, ja, het is de paracetemol voor veel problemen, maar lang niet voor alle problemen. Ja het is de basis van de zijgangen, het uitgangspunt voor keertwendingen, appuyementen en pirouettes. Dus ja, het is zaak deze oefening heel goed te beheersen en snappen.
Vanaf dat men serieus paarden aan het dresseren is, gebruikt men schouderbinnenwaarts. De Napolitaan Giovanni Battista Galiberto gaf in de eerste helft van 1600 de eerste naam aan SB, namelijk 'Il Cantone', wat in het Duits 'Winkel' werd.
De Fransman F.R. de la Guérinière gaf het in de tweede helft van 1700 de naam 'Épaules en dedans'. Hier stamt ons huidige 'schouderbinnenwaarts' vanaf.
In Duitsland wordt naast 'Schulterherein' nog steeds 'Winkel' gebruikt, uit de tijd van Maestro Galiberto.